kerk en recht

Wat te doen met een halsstarrige kerkenraad?

Stel dat een kerkenraad een nieuwe plaatselijke regeling vaststelt. Stel vervolgens dat een gemeentelid bezwaar maakt tegen een bepaling – bij voorbaat dat elk kerkenraadsbesluit omwille van de eenheid van de gemeente met tweederde meerderheid moet worden genomen – en slaagt. Het vaststellingsbesluit wordt vernietigd. Stel dat de kerkenraad zich vervolgens weigert neer te leggen bij het besluit van het Classicale College voor Bezwaren en Geschillen (CCBG), maar ook geen beroep instelt bij het Generale College voor Bezwaren en Geschillen. Het handelt naar de nieuwe plaatselijke regeling. Welke mogelijkheden bestaan er om de kerkenraad weer in het rechte spoor te trekken?

Een nieuw bezwaar

Er bestaat een flink aantal opties, met elk soms nog weer varianten. De eerste is dat een belanghebbende opnieuw een bezwaar indient naar aanleiding van hetzij een besluit, hetzij een verzuim. Beide opties moeten open gehouden worden. Wellicht is namelijk te traceren dat de kerkenraad moedwillig besloten heeft het besluit van het CCBG te negeren en geen beroep in te stellen. Punt is dan wel dat de indieningstermijn van 30 dagen gerespecteerd dient te worden, zij het dat het moment bepalend is dat de belanghebbende kennis van dit besluit heeft kunnen nemen. Dat is vrijwel zeker duidelijk later dan het besluit genomen is. Het is echter ook denkbaar dat een besluit niet te traceren is, of dat de kerkenraad het oordeel van het CCBG simpelweg negeert en er niet of nauwelijks sprake is van een besluit. In dat geval denk ik dat de grond voor een bezwaar veeleer een verzuim is. Daarvoor geldt een redelijke termijn (vgl. Bos & Koffeman, 320). Een nieuw bezwaar lijkt echter op voorhand kansloos. Als de kerkenraad zich eerder al niets gelegen liet liggen aan het CCBG, waarom dan nu wel?

Melding

De tweede mogelijkheid die iemand ter beschikking staat is een melding bij het CCBG dat diens oordeel niet is opgevolgd. Dat college heeft vervolgens de bevoegdheid dit door te geven aan het desbetreffende (Classicale) College voor het Opzicht (vgl. ord. 12-6-3). Dat kan dan passende tuchtmaatregelen opleggen aan de individuele leden van de kerkenraad die het besluit van het bezwarencollege niet wensen te eerbiedigen.

Sneller

Volgens mij kan het echter ook sneller. Iedereen kan bij een opzichtcollege ‘feiten of omstandigheden’ aanreiken die het college aanleiding geven nader onderzoek te verrichten (vgl. ord. 10-9-1). De gang naar het CCBG kan in het onderhavige geval dan worden overgeslagen. Wel zal een melding van en ondersteuning door het CCBG meer gewicht in de schaal legt, zelfs als de ‘feiten of omstandigheden’ daardoor strikt genomen niet veranderen.

Visitatie

Een vierde optie is visitatie. Individuele gemeenteleden mogen dit niet vragen. Zij kunnen echter wel, net als bij een tuchtprocedure, ‘feiten of omstandigheden’ aandragen aan het Classicale College voor de Visitatie (ord. 10-5-2). Voordat een besluit tot visitatie valt, moet er overleg hebben plaats gevonden met de classispredikant.

Breed Moderamen van de Classicale Vergadering

Optie 5 is van een andere aard en kent enkele sub-mogelijkheden. Bij deze optie is het BMCV (of de classispredikant) de partij die de zaak oppakt. Die kan het gesprek met de kerkenraad aangaan natuurlijk (net als gemeenteleden daartoe een poging kunnen doen). De kans is in de gegeven omstandigheden alleen niet zo groot, dat dat effect gaat hebben. De classispredikant kan verder om visitatie verzoeken. Maar ook kan het BMCV bij ‘spanningen’ ten gevolge van het eigengereide optreden van de kerkenraad kiezen voor ontheffing van werkzaamheden van ambtsdragers (ord. 3-19, 4-11).

Conclusie

Al met al kent de kerkorde dus tal van opties om de betrokken kerkenraad in het gareel te krijgen. Veel hangt echter af van de omstandigheden. Zijn de gevolgen beperkt, dan kan het eenvoudig blijven en doet het desbetreffende kerkelijk orgaan er goed aan vooral de-escalerend op te treden. Als er een bepaling in de plaatselijke regeling geen kracht heeft, dan bestaat er iedere keer dat de kerkenraad er toch gebruik van maakt de mogelijkheid om een bezwaar in te dienen. Het is dus ook denkbaar, voor zover mogelijk, dat een partij die over kan gaan tot actie de zaak eerst op zijn beloop laat. Toch bestaat, als het om een zwaarwegende zaak gaat, de mogelijkheid om zware maatregelen te nemen, tot ontheffen van werkzaamheden toe.